Heffing Box 3 toch NIET in strijd met rechten van de Mens

Inloggen Notariskluis

Op 17 februari 2016 informeerden wij u omtrent het standpunt van de Procureur Generaal dat de vermogensrendementsheffing van Box 3 volgens hem in strijd is met de Rechten van de Mens (artikel 1 EP), met name omdat sprake zou zijn van een ontneming zonder redelijke grond.

De Hoge Raad heeft inmiddels op 10 juni 2016 geoordeeld dat dit niet het geval is: van het forfaitaire stelsel van box 3 niet kan worden gezegd dat het elke redelijke grond ontbeert. Gelet op de ruime beoordelingsmarge die de wetgever op het terrein van het belastingrecht toekomt, is dit stelsel niet in strijd met artikel 1 EP. Dit stelsel zou slechts dan in strijd komen met artikel 1 EP indien zou komen vast te staan dat het destijds door de wetgever voor een lange reeks van jaren veronderstelde rendement van vier percent voor particuliere beleggers niet meer haalbaar is en belastingplichtigen, mede gelet op het toepasselijke tarief, zouden worden geconfronteerd met een buitensporig zware last.

De Hoger Raad houdt echter wel een slag om de arm voor de toekomst: Indien deze onhaalbaarheid duidelijk zou worden en de wetgever ervoor kiest uit te blijven gaan van een forfaitair rendement, mag van hem worden verlangd dat hij de regeling aanpast teneinde de beoogde benadering van de werkelijkheid te herstellen.

De zaak die de Hoge Raad behandelde betrof een Box 3 belastingaanslag uit 2011. Het wachten is aldus op iemand die een aanslag van recentere datum aan de kaak stelt.

Zaak temeer voor de wetgever om er snel voor te zorgen dat de heffing meer aansluit bij het werkelijk behaalde rendement.

Bron: ECLI:NL:HR:2016:1129

Na 22 juli 2016 zijn er geen wijzigingen meer in dit artikel aangebracht, derhalve zijn ook wijzigingen in regelgeving of ontwikkelingen in de rechtspraak van latere datum, niet verwerkt.

© Notaris Wiechers | Enschede – dé notaris voor ondernemers